Er zijn 3 besmettelijke ziektes die onder de konijnen voorkomen en waartegen ze kunnen worden ingeënt, myxomatose, VHS en RHD-2. Hieronder leg ik uit hoe je de ziektes kunt herkennen en hoe ze zijn ontstaan. Hopelijk ziet iedereen dan het belang van het inenten van zijn of haar konijnen in, en wordt een aantal konijnen een verschrikkelijke dood bespaard.


Myxomatose


Myxomatose wordt verspreid door een virus. Een konijn kan besmet worden door vliegen, vlooien, mijten en andere konijnen die het virus met zich meedragen.  Een konijn dat nooit geënt is overleeft deze ziekte bijna nooit. Het beste dat je voor je konijn kunt doen is hem goed warm houden en een dierenarts bezoeken. Deze zal dan als hij/zij overlevingskans ziet passende medicijnen meegeven of adviseren het konijn in te laten slapen. Of er genezingskans is is afhankelijk van welke symptomen het konijn heeft en of het konijn wel of niet gevaccineerd was. 

Het meest opvallende kenmerk van een konijn met myxomatose is de verdikte oogleden. Maar er zijn meer kenmerken van deze ziekte, niet elk konijn heeft elk symptoom. Symptomen zijn: verdikkingen in de oren, gezwollen oogleden (oedemen), korsten op de neus en lippen, koorts, niet eten, opgezwollen geslachtsdelen en anus, uitvloeiingen met pus, lusteloosheid, suf, apatisch, longontsteking, coma. De tijd tussen besmetting en de eerste zichtbare symptomen is tussen enkele dagen en 2 weken. Het konijn sterft meestal binnen 1 a 2 weken na de eerste symptomen.

Myxomatose word voornamelijk door stekende en bijtende insecten versprijd, voornamelijk door muggen en vlooien. Maar ook via de keutels en urine kan myxomatose worden verspreid. 

Vroeger waren de entstoffen maar 4 maanden werkzaam, tegenwoordig is er een beter vaccin. Dit vaccin is een jaar werkzaam en komt ook in een verpakking voor een enkel konijn. De vroegere entstof zat in verpakkingen voor 10 konijnen. Daardoor waren er ent-dagen. Het nadeel van die dagen was dat als er één konijn al besmet was met een ziekte en op die entdag kwam, jouw konijnen ook risico liepen. Dat is nu dus gelukkig verleden tijd.

Na de ontdekking van myxomatose bij geïmporteerde konijnen in Uruguay, verspreidde een wat milde vorm zich onder de populatie wilde konijnen in Zuid Amerika. In Australië werd het virus voor het eerst in het veld getest om de konijnenpopulatie onder controle te kunnen houden in 1938. Een volledige verspreiding van het virus werd in 1950 gehouden. Het virus was zeer effectief, de konijnenpopulatie verminderde van 600 miljoen konijnen naar 100 miljoen konijnen binnen 2 jaar. De konijnen die overbleven waren degene die het minst last hadden van het virus. Genetische afweer tegen myxomatose werd snel na de eerste verspreidingen van het virus bekeken, en de meeste konijnen bezaten een gedeeltelijke immuniteit in de eerste twee decennia. Afweer werd iets beter vanaf 1970, en de ziekte dood nu 50% van de geïnfecteerde konijnen. Bij een poging om dit percentage omhoog te krijgen werd er een tweede virus geïntroduceerd, rabbit calicivirus, dat in 1996 voor het eerst onder de konijnen werd verspreid.

Myxomatose werd per ongeluk geïntroduceerd in Frankrijk door bacterioloog Dr. Paul Armand Delille, die het virus gebruikte om van de konijnen op zijn privé terrein af te komen in juni 1952 (hij entte wel 2 konijnen op zijn land in tegen de ziekte). Binnen 4 maanden had het virus zich al 50 km verspreid; Armand dacht dat dit kwam door jagers die de geinfecteerde konijnen meenamen van zijn land. In 1954 waren echter 90% van de wilde konijnen in Frankrijk dood. De ziekte verspreidde zich verder door Europa. In 1953 kwam myxomatose voor het eerst in Nederland voor. Het bereikte Groot-Brittannië in 1953, blijkbaar zonder menselijke acties. Sommige mensen in Groot-Brittannië verspreidden de ziekte zelf, door zieke konijnen in de holen van levende konijnen te stoppen. De overheid wilde geen stappen ondernemen om de verspreiding van de ziekte tegen te gaan. In 1955 was 95% van de wilde konijnen in Groot-Brittannië overleden. Konijnen in de laatste stadia van de ziekte, vaak “mixy” of “myxie” konijnen genoemd, zijn nog steeds een veel voorkomend verschijnsel in Groot-Brittannië.

Er is een vaccinatie beschikbaar voor konijnen die als huisdier gehouden worden, maar in Australie is het illegal om je konijn in te enten, uit angst dat de immuniteit die door de vaccinatie aangesterkt wordt in de populatie wilde konijnen terecht komt. Dit omdat de vaccinatie ook een levend virus gebruikt, het Shope fibroma virus. Duizenden konijneneigenaren in Australië lijden elk jaar verliezen onder hun konijnen. Er is geen geneesmiddel voor Myxomatose of VHS, en veel dieren die deze ziekte eenmaal hebben sterven of uit zichzelf, of worden ingeslapen. In Europa is het mogelijk je konijn te beschermen met een inenting, met een genetisch aangepast virus. Dit virus was ontwikkeld in Spanje, en is beschikbaar voor alle konijneneigenaren. Als dit virus zijn weg weet te vinden naar Australië zal dit voor een grote vermeerdering van de konijnenpopulatie zorgen.

In 2012 is er een nieuwe entstof op de markt gekomen in Nederland, hierbij hoeft je konijn nog maar één keer per jaar ingeënt te worden. Voorheen moest de enting twee keer per jaar gegeven worden. Deze entstof (nobivac) werkt tegen zowel VHS als Myxomatose. Voor VHS-2 / RHD-2 is nog wel een aparte vaccinatie nodig.

De ontwikkeling van afweer voor de ziekte lijkt verschillende kanten te hebben gekozen. In Australie heeft het virus in het begin zeer snel veel konijnen gedood, binnen 4 dagen na de infectie. Dit geeft weinig tijd voor het virus om te verspreiden. Als resultaat daarvan, is een minder sterke variant van het virus zich gaan verspreiden, wat zich sneller verspreid omdat dit een minder dodelijk virus is. In Europa hebben de konijnen die genetische afweer hebben tegen het virus zich verspreid. Er word gezegd dat dit komt omdat de belangrijkste verspreider van het virus in Australie de mug is, terwijl in dit in Europa de vlo is.

Myxomatose is voor een groot deel wel te voorkomen, in ieder geval kun je de overlevingskans van jouw konijnen sterk verhogen. Met een vaccinatie, maar ook door insectenwerende maatregelen te nemen. Bijvoorbeeld door een klamboe of muggengaas te gebruiken om het verblijf van de konijnen te beschermen. Let wel op dat er voldoende ventilatie moet blijven, zeker in de zomer. Warmte moet ook uit het konijnenverblijf weg kunnen. Houd het verblijf van de konijnen goed schoon, om zo min mogelijk insecten aan te trekken. Zorg dat er geen stilstaand water is waar muggen zich kunnen voortplanten, zorg dat er geen katten, egels, wilde konijnen en andere dieren die vlooien bij dragen bij de konijnen in de buurt kunnen komen.

Een vaccinatie geeft geen garantie dat het konijn helemaal niet ziek kan worden. Maar als een gevaccineerd konijn myxomatose krijgt, is de overlevingskans wel vele malen groter. In de meeste gevallen waarbij een gevaccineerd konijn de ziekte toch krijgt is het een milde vorm die met de juiste zorg en medicatie te behandelen is. 

Behandeling kan bij myxomatose, er zijn zelfs succesgevallen bekend. Behandeling loopt dan via de dierenarts die infuus met vocht, antibiotica, pijnstillers, slijmoplossend middel en vaak ook dwangvoeding toedient. De overlevingskans van een niet-gevaccineerd konijn blijft klein. Het is dus ook niet verrassend dat veel konijnenbaasjes in zo een situatie kiezen om het konijn in te laten slapen.


VHS-1


Hierboven werd het al genoemd, het Rabbit calicivirus (RCD), dit is een virus dat Viraal Haemorrhagisch Syndroom, VHS veroorzaakt. Er zijn helaas verschillende afkortingen die gebruikt worden voor dezelfde ziekte, dat maakt het erg verwarrend. Om het wat duidelijker te maken hieronder uitleg over de afkortingen.

VHS = Viraal Haemorrhagisch Syndroom (Nederlandse afkorting dus)
RHD = Rabbit Haemorrhagic Disease (Engelse benaming voor hetzelfde)
VHD = Viral Haemorrhagic disease (Andere Engelse benaming voor hetzelfde)

En heel af en toe kom je ook RCD (Rabbit calicivirus) tegen, dat is de afkorting van de naam van een virus dat VHS/RHD/VHD veroorzaakt. Op onze website houden wij zoveel mogelijk de nederlandse afkortingen aan. Wij spreken over VHS dus.

Het virus is oorspronkelijk ontstaan in China, in 1983. Via export van konijnen verspreidde het virus zich verder. In Nederland kwam de ziekte voor het eerst voor in 1990. In 1991 is het virus geimporteerd in Australie om daar te testen op een eiland als bestrijding tegen de wilde konijnen in Australië en Nieuw-Zeeland. Het virus was niet zo succesvol als myxomatose, omdat het maar dodelijk is voor 65% van de geïnfecteerde konijnen, terwijl myxomatose dodelijk is voor 99% van de geïnfecteerde konijnen. Het virus verspreidde zich echter (deels bewust) verder. In 2018 is de eerste melding van het virus in Canada gekomen, en in 2019 heeft het virus ook de VS bereikt. 

De incubatieperiode van deze ziekte is 24 tot 48 uur, en dood treed in 6 tot 24 uur na het beginnen van de koorts. Het VHS virus is zeer besmettelijk wordt verspreid op verschillende manieren. Contact tussen konijnen onderling, via urine, uitwerpselen, water, voedsel en hokken. Maar ook de mens kan voor verspreiding zorgen via schoeisel, kleding en handen. Daarnaast kunnen ook stekende insecten een rol spelen in de verspreiding. 

De symptomen zijn koorts, bloed uit de neus, bloed uit de geslachtsopeningen en benauwdheid. Soms zie je echter alleen dat het konijn stilletjes, lusteloos en suf in een hoekje zit, tot het sterft.  Het konijn kan tegen deze ziekte worden ingeënt.

Er is geen genezing voor deze ziekte. Het enige wat een dierenarts kan doen is symptoombestrijding. Het konijn warm houden, een infuus geven voor vocht. Antibiotica en pijnstillers kunnen helpen. Maar in de praktijk is het meestal zo dat als ze echt besmet zijn, het ook echt dodelijk is. Voorkomen is dus de enige goede optie. 

VHS/RHD 1  kan via urine, uitwerpselen, water, schoenen, kleding, je handen enz. overgedragen worden. En ook door stekende en bijtende insecten. Dat maakt het ontzettend lastig om dit virus buiten de deur te houden.  

Het virus is niet makkelijk te bestrijden. Dat is de reden dat wij dus echt zo benadrukken dat vaccinatie ontzettend belangrijk is. Heb jij jouw konijnen niet laten vaccineren, en zijn ze aan dit virus overleden? Pas dus ook goed op als je na het overlijden van konijnen opnieuw aan konijnen wil beginnen. In theorie kan het virus 8 maanden in de omgeving overleven, maar dat is wel in de meest ideale omstandigheden. Over het algemeen wordt een periode van 4 maanden aangehouden. Wil je na het overlijden van konijnen dus opnieuw aan konijnen beginnen, dan is het verstandig om 4 maanden te wachten en te zorgen dat de nieuwe konijnen gevaccineerd zijn, en dat de vaccinatie al voldoende bescherming bied, op het moment dat je de konijnen naar jouw huis haalt. Begraaf een konijn dat is overleden aan VHS niet, het is beter om het dier te laten cremeren om verdere verspreiding van de ziekte te beperken. In het lichaam van het overleden konijn kan het virus namelijk zeer lang overleven. 

 

 

VHS-2

In 2015 dook een variant op het VHS virus op, VHS-2. De symptomen zijn hetzelfde als bij VHS, alleen duurt het iets langer voor een konijn sterft aan VHS-2. De oorspronkelijke inenting werkt helaas niet tegen deze variant. Wil je jouw konijnen ook tegen VHS-2 beschermen, is daarvoor een aparte inenting nodig. Meer informatie over VHS-2 vind je in dit artikel.

Net als VHS/RHD-1 kan ook VHS/RHD-2 via urine, uitwerpselen, water, schoenen, kleding, je handen enz. overgedragen worden. En ook door stekende en bijtende insecten. Dat maakt het ontzettend lastig om dit virus buiten de deur te houden. 

Even voor het geval je door alle afkortingen voor dezelfde ziekte het niet meer snapt: Het betreft het Rabbit calicivirus (RCD), dit is een virus dat het Rabbit Haemorrhagic Disease (RHD) veroorzaakt. In het Nederlands is dat afgekort naar VHS, Viraal Haemorrhagisch Syndroom.  In dit artikel gaat het dan om de gemuteerde variant, en zet men het cijfer 2 er achter.

 

 

Symptomen

Net als bij de normale VHS variant krijgen konijnen het benauwd en hebben zij soms bloedingen uit neus en geslachtsorganen. Soms zijn konijnen alleen wat lusteloos en suf. Maar vaak sterven de konijnen zonder dat er ook maar iets te zien is. Bij de normale VHS variant sterven konijnen binnen 1 tot 2 dagen. Bij de VHS-2 variant duurt het iets langer, 3 tot 5 dagen. Helaas heeft het virus hierdoor ook meer kans zich te verspreiden. Als een konijn eenmaal ziek is, is er niets wat je kan doen om hem beter te maken. Het enige dat je kan doen is voorkomen dat jouw konijnen deze ziekte krijgen.

Verspreiding

Het VHS-2 virus is net als de gewone VHS variant zeer besmettelijk wordt verspreid op verschillende manieren. Contact tussen konijnen onderling, via urine, uitwerpselen, water, voedsel en hokken. Maar ook de mens kan voor verspreiding zorgen via schoeisel, kleding en handen. Daarnaast kunnen ook stekende insecten een rol spelen in de verspreiding.

Alleen hazen en konijnen worden ziek van het virus, andere (huis)dieren en mensen hebben er geen last van, maar kunnen het dus wel verspreiden naar andere konijnen.

 

RHDV1 K5

In 2018 werd er weer een nieuw konijnenvirus geintroduceerd in Nieuw-Zeeland. Het RHDV1 K5 virus. Een variant van het VHS-1 virus, dat ook al in Nederland voorkomt. Ze verspreiden het virus in Nieuw-Zeeland met "lokwortelen", die ze op een perceel waar overlast is van konijnen neer kunnen leggen.

Het RHDV1 K5 virus veroorzaakt hepatitis en orgaanfalen. Een besmet konijn gaat binnen enkele dagen dood.

Gelukkig bieden de vaccinaties die op de markt zijn in Nederland ook gewoon bescherming tegen deze variant. Op dit moment komt het virus nog niet voor in Nederland, maar mocht dat toch zo ver komen, weet dan dat er gelukkig niet nog een extra prik nodig is om jouw huisdierkonijnen er tegen te beschermen.

 Wil je meer weten over dit virus, en hoe ze er in Nieuw-Zeeland mee om gaan om de konijnenpopulatie te bestrijden, dan kun je dit filmpje bekijken over het verloop van het virus.

 

 

Actuele meldingen van viruziekten bij konijnen


Wij houden op onze forums een lijst bij met alle meldingen van VHS, VHS-2 en Myxomatose. Komt een van deze ziektes voor bij jou in de buurt, geef dat aan ons door zodat wij deze lijst zo volledig mogelijk kunnen maken! Voor het meest actuele overzicht kijk in dit topic.

 

 

Inentingen

 

Over het algemeen is de beste periode om de konijnen te laten vaccineren in het voorjaar, in februari of maart. Dan is de bescherming optimaal in de tijd van het jaar dat de meeste uitbraken voor komen in Nederland. Er is altijd veel discussie over waar je je konijnen zo goedkoop mogelijk kan laten vaccineren. 

Tegenwoordig horen wij vaak dat dierenartsen eigenaren van jonge konijnen / nieuwe konijnen adviseren om te wachten met de eerste vaccinaties tot in het voorjaar. Dat is iets wat wij echt afraden! De ziektes zijn bijna jaarrond in Nederland actief, waarom zou je onnodig lang wachten met de bescherming? Laat een jong konijn gewoon vanaf de leeftijd dat het mogelijk is, of vanaf het moment dat het konijn bij jou is komen wonen vaccineren, zodat hij of zij gewoon zo snel mogelijk beschermd is. 

 

Vaccineren op afspraak

Vaccineren kan bij de eigen dierenarts.  Je belt op en maakt een afspraak voor de inentingen. Elke dierenarts kan de vaccinaties bestellen in een één konijn dosis. Het maakt dan dus niet uit of je zomaar met enkele, of meerdere konijnen op de afspraak komt. De dierenarts rekent een consult, en dan een bedrag per konijn wat de vaccinatie krijgt, de kosten van de prikjes dus.

Voordeel van zelf naar de dierenarts gaan, is dat de dierenarts over het algemeen echt rustig de tijd heeft om de konijnen goed na te kijken, de vragen te beantwoorden en uitleg en advies te geven over de gezondheid van jouw konijnen. De konijnen worden gewogen, goed onderzocht, niet alleen even de voortandjes, oren en oogjes, maar ook echt even luisteren naar de longen en hartslag. Een rustige, goede controle van de gezondheid, voor de prikjes gezet worden. Moeten toevallig ook de nageltjes geknipt worden, dan doen ze dat vaak ook gelijk even. Ze werken netjes de vaccinatieboekjes van de konijnen bij en registeren welke inentingen, met welke entstoffen, en uit welke batchnummers er gezet zijn. 

Per praktijk kan er verschil zijn in de kosten voor het vaccineren op afspraak. Toch raden wij aan om gewoon naar je eigen, konijnkundige dierenarts te gaan. De inentingen zijn altijd een mooi moment voor een gezondheidscontrole, het gewicht en kleine opvallende puntjes kunnen dan als notitie in het systeem van de dierenarts worden genoteerd. Dat kan van belang zijn als er in de toekomst echt iets mis is met het konijn. 

Laat je jouw konijnen op afspraak vaccineren bij jouw eigen dierenarts,  dan ben je meestal een bedrag tussen de 50 en 100 euro kwijt per konijn voor de inentingen.

Er zijn per praktijk vaak wel wat verschillen in prijzen, omdat er met verschillende entstoffen gewerkt kan worden, niet elke praktijk dezelfde vaste kosten heeft. Denk dan bijvoorbeeld aan verschil in kosten voor huisvesting, personeel, materiaal, niet elke praktijk investeert even veel in training en in vernieuwing. Ook de aanwezigheid van andere, concurrerende praktijken in de buurt kan invloed hebben op de prijzen. Het kan zin hebben om even wat rond te bellen, maar wij adviseren om wel echt naar een praktijk te gaan die gespecialiseerd is in konijnen, ook voor zo iets als de vaccinaties. 

 

Vaccinatiedagen

Wil je voordelig uit zijn, dan zou je kunnen kiezen om de konijnen te laten inenten op speciale ent-dagen, vaccinatiedagen. 

Dit zijn speciale konijnendagen die gehouden worden bij veel dierenartsen, konijnenasiels en soms ook bij dierenwinkels. Op zo een dag word er vaak geen prijs voor een consult gerekend, maar alleen voor de vaccinaties zelf. Daardoor ben je goedkoper uit.  De dierenarts kan op zo een dag uit grotere flesjes vaccineren, bijvoorbeeld uit flessen met voldoende entstof voor 10 of zelfs 50 konijnen. Dit is de reden dat ze met een aangepast tarief kunnen werken. 

Er zitten wel een aantal nadelen aan vaccinatiedagen. Het grootste nadeel is dat er veel konijnen op het zelfde moment, op de zelfde plek zijn.Dat zorgt er voor dat als er een ziek konijn tussen zit, er wel grotere kans is dat jouw konijnen iets oplopen op zo een dag. Ook kan het er gehaast aan toe gaan op zo een dag. Soms staat er al een rij achter je, en is de gezondheidscontrole maar oppervlakking en gehaast, niet voldoende om vast te stellen of het konijn daadwerkelijk gezond genoeg is om ingeent te worden. Als een konijn niet gezond genoeg is, en toch de prikjes krijgt, kan dat als gevolg hebben dat het konijn ziek wordt of zelfs sterft. De gezondheidscontrole is dus echt heel belangrijk.  Ook wordt er vaak voor de goedkoopste entstoffen gekozen, die meestal een kortere werkingsduur hebben. Controleer dus goed wanneer een vaccinatie herhaald moet worden, het kan zijn dat je na 6-9 maanden al om nieuwe prikjes moet voor de konijnen, terwijl er ook vaccins zijn met een werkingsduur van een jaar. 

Ook zie je op vaccinatiedagen nog wel eens dat de dierenarts foutjes maakt. Zeker als het lopendeband werk is. Zo kan het zijn dat de entstoffen worden niet op de goede temperatuur worden bewaard, meerdere konijnen worden met één naald gevaccineerd, de tafel wordt niet schoongemaakt tussen de klanten door, de handschoenen niet verwisseld / de handen niet gewassen. En ook komt het voor dat konijnen soms tweemaal hetzelfde vaccin krijgen, in plaats van twee verschillende vaccins, waardoor ze niet tegen alle ziektes juist beschermd zijn. Ook gaat het invullen van de vaccinatieboekjes nog wel eens rommelig, wat een probleem kan zijn als je jouw konijnen naar een pension wil brengen tijdens vakanties. Wees dus wel heel kritisch op de gang van zaken en hygiëne als je besluit een vaccinatiedag te bezoeken met jouw konijnen. 

Vaak komt de prijs op een speciale vaccinatiedag uit op een bedrag van 15-25 euro voor de myxomatose en normale VHS/RHD enting en voor RHD-2 komt er dan vaak zo een zelfde bedrag nog bij. Dan ben je dus voor 30-50 euro voor een jaar klaar en is jouw konijn beschermd tegen de besmettelijke virusziekten.

 

 

Wij hebben in oktober 2016 op de bunnybunch forums gevraagd hoeveel de leden kwijt zijn aan het complete pakket inentingen per konijn. Hieronder zie je de resultaten:

 

 

Vaccinaties schadelijk?

Mensen vragen zich soms af of je konijnen inenten ook schadelijk kan zijn voor de gezondheid. Voor konijnen die een zwakke gezondheid hebben kan inenten inderdaad schadelijk zijn. Konijnen met een zwak immuunsysteem of als het immuunsysteem al onder druk staat door andere ziekten kunnen beter niet ingeent worden tot het moment dat hun gezondheid weer stabiel is. Daarom zal een goede dierenarts het konijn altijd goed nakijken voor hij een inenting zet. Maar voor een gezond dier is een inenting niet schadelijk. Dan is het juist levensreddend.

Heb je een konijn met een chronische ziekte, zoals chronisch snot, of E cuniculi, maak dan altijd in overleg met de dierenarts een goede overweging tussen het risico van niet vaccineren en het risico van wel vaccineren. Afhankelijk van de gezondheid van het konijn, het risico op besmetting afhankelijk van waar je woont en hoe de konijnen gehouden worden kan er dan een keuze gemaakt worden. 

Maar zoals bij alle medicijnen, kunnen er ook bij vaccinaties bijwerkingen optreden, een zogenaamde ent-reactie. Dat kan zijn een bultje of een schrale plek op de plek waar de enting is gezet. Dat  trekt na een aantal dagen gewoon weer weg en kan gelukkig geen kwaad. Ook kan bij sommige vaccins een verhoogde temperatuur voorkomen. Dat heeft verder geen gevolgen voor het konijn en zakt na enkele dagen vanzelf weer weg. Hoewel er dus bijwerkingen kunnen zijn, komen die echt maar zeer weinig voor en zijn ze niet zo ernstig dat het een reden zou kunnen zijn om de inentingen niet te laten plaatsen. Belangrijk is echter wel dat het konijn goed gezond is op het moment dat de inentingen geplaats worden. 

Sommige mensen zijn ook van mening dat als zij hun konijn één of twee keer in laten enten als zij hem net hebben, dat de entstof dan het hele leven werkzaam blijft tegen de ziektes. Helaas is dat niet het geval bij konijnen en is het dus wel noodzakelijk de intentingen jaarlijks te herhalen.

Het is wel aan de dierenartsen om te zorgen dat de vaccinaties juist geplaatst worden, en dat de entstoffen goed bewaard worden. Helaas worden daar nog wel eens fouten mee gemaakt, wat de werking van de vaccinaties zeker kan be"nvloeden. Let ook op een goede hygiëne, wordt er voor elk konijn wel een nieuwe naald gebruikt? Als je op een vaccinatiedag bent, wordt de tafel wel schoongemaakt tussen de klanten door, worden de handen wel gewassen / de handschoenen gewisseld? Zorg dus dat je altijd kiest voor een goede, konijnkundige dierenarts, en ga bij twijfel over de kwaliteit niet af op de goedkoopste prijs, maar op je gevoel. 

In Nederland komen myxomatose, VHS/RHD 1 en 2 zo veel voor dat er in onze ogen (behalve een te zwakke gezondheid om tegen de entstof te kunnen) geen redenen zijn om niet in te laten enten. Als je in Nederland woont is het niet de vraag of jouw konijnen één van de ziektes gaan krijgen, maar wanneer. Persoonlijk willen wij dat toch niet afwachten, en kiezen wij dus wel voor de jaarlijkste prikjes.

 

 

Tijd tussen de vaccinaties?

In sommige landen is het advies om een periode van twee weken tussen de beide vaccinaties te houden. In Nederland wordt dat advies echter niet aangehouden. 

Het advies komt er vandaan dat als je een levend vaccin toedient, en je dient binnen twee tot vier weken nog een keer een levend vaccin toe, dan kan het zijn dat het tweede vaccin niet goed aanslaat. Dat is omdat het immuunsysteem dan nog bezig is met afweer te maken voor de eerste inenting, waardoor er niet genoeg over is om ook voor de tweede vaccinatie afweer aan te maken. Als je echter beide vaccinaties op hetzelfde moment toedient, is hier geen sprake van. De immuuncellen verdelen zich gewoon netjes over beide vaccinstoffen, en voor beide inentingen wordt gewoon een goede afweer aangemaakt. 

Bovenstaande uitleg is echter helemaal niet van toepassing in de konijnenwereld. De vaccinaties tegen myxomatsoe en VHS / RHD 1 en die tegen RHD 2 die in Nederland gebruikt worden, zijn namelijk geen levende vaccins. Het zijn geinactiveerde stoffen.  Je kan dus prima gewoon één keer naar de dierenarts gaan voor beide inentingen. 

 

 

Vaccins

Hieronder een overzicht van de vaccins die op het moment gebruikt worden voor het inenten van huisdierkonijnen. Kijk goed na in het vaccinatieboekje van jouw konijnen of de juiste vaccins gebruikt zijn. Het komt helaas voor dat er door dierenartsen fouten gemaakt zijn, waardoor je denkt dat jouw konijnen tegen alle drie de ziektes beschermd zijn, maar dat niet het geval is. Als het goed is zet de dierenarts er duidelijk bij welk vaccin is gebruikt (met sticker waarop het batchnummer van het vaccin staat) en wanneer herhaling nodig is.


Vaccins voor konijnen tegen myxomatose en VHS-1
Nobivac Myxo + RHD: Meest gebruikte vaccin tegen myxomatose en VHS-1. Beschermt na 3 weken. Elk jaar herhalen. Minimale leeftijd 5 weken. Is verkrijgbaar in een dosis per konijn waardoor er geen ent-dagen nodig zijn en je contact met andere konijnen beperkt.
Cunivak combo: Werkt tegen myomatose en VHS-1. Bescherming na 10 dagen. Booster (= herhaling) nodig na 4 weken, daarna elke 6 maanden herhalen. Minimum leeftijd 6 weken.  Wordt in Nederland bijna niet gebruikt, de kleinste dosis is namelijk voor 10 konijnen en beperkt houdbaar. Wordt ook weinig gebruikt omdat de Nobivac langer bescherming bied en geen booster nodig heeft.

Vaccins voor konijnen tegen VHS-2
Eravac emulsie: werkt tegen VHS-2. Beschermt na 7 dagen. Elke 9 maanden herhalen. Minimum leeftijd 10 weken (jongere vaccinatie wel mogelijk, maar dan is er een booster nodig na 6 weken). Dit vaccin is gelijk aan Cunipravac RHD Variant.  Is verkrijgbaar in verpakking van 10 of 40 doses en wordt daardoor meestal op konijnen ent-dagen gegeven.
Filavac VHD K C + V: werkt tegen VHS-1 en VHS-2. Mag gegeven worden in combinatie met de nobivac Myxo + RHD, hoewel je dan eigenlijk dubbel inent tegen VHS-1. Dat kan echter geen kwaad. Bescherming na 7 dagen. Elk jaar herhalen. Woon je in een risicogebied waar VHS-2 veel voorkomt, is het aan te raden toch elk half jaar de inenting te herhalen. Minimum leeftijd 10 weken. Jonger inenten wel mogelijk maar dan is een booster (=herhaling) nodig na 6 weken.  Voordeel van deze entstof is dat het in een dosis per konijn te krijgen is en je dus niet vast zit aan ent-dagen, waardoor contact met andere konijnen beperkt wordt.

Cunipravac RHD Variant: In het begin, toen VHS-2 voor het eerst in Nederland was uitgebroken, werd er gebruik gemaakt van cunipravac. Dit is een vaccin uit Spanje. Inmiddels zijn er twee vaccins om VHS-2 te voorkomen geregistreerd voor de Nederlandse markt en wordt cunipravac niet meer gebruikt.

Vanaf voorjaar 2020:

Nobivac Myxo-RHD Plus: Goed nieuws over de vaccinaties: Vanaf voorjaar 2020 wordt er één vaccin tegen Myxomatose, RHD1 en RHD2 verwacht op de Nederlandse markt. Dat vaccin is 1 jaar werkzaam en toe te dienen vanaf een leeftijd van 7 weken. Eén prik voor alle ziektes dus, wat de kans dat er fouten gemaakt worden, een stuk kleiner maakt!

 

 

Preventieve maatregelen

Hoe voorkom je dat jouw konijnen een besmettelijke virusziekte krijgen? Ten eerste via de inentingen. Daarnaast zijn er nog een aantal maatregelen die je kan nemen. Misschien lijken sommige maatregelen overdreven, maar als je in een gebied woont waar een grote kans op besmetting is, en jouw konijnen zijn niet recent volledig ingeent, is het toch aan te raden onderstaande tips op te volgen.

- Voer geen vers gras of groenvoer van buiten eigen (moes)tuin aan jouw konijnen.

- Wees voorzichtig met het voeren van hooi. Veel hooisoorten die wij in de winkels kopen, komen uit landen waar deze ziekten ook voorkomen. De kans op besmetting via het hooi is zeer klein, maar het is mogelijk. Hooi moet minimaal 1,5 maand geleden verwerkt zijn, goed gedroogd zijn en bewaard zijn op een droge plaats, wil het vrij zijn van ziekten. Sommige mensen slaan zelf een voorraad hooi in voor ongeveer 2 maanden, zodat ze het hooi zelf 1,5 maand droog kunnen bewaren voor het aan de konijnen gevoerd wordt. Op die manier zijn ze zeker dat er geen besmetting door het hooi plaatsvind. Je kan ook kijken of er een productiedatum op de verpakking staat.

- Voer geen kuilvoer of kuilgras aan jouw konijnen als je niet zeker weet of er geen wilde konijnen bij zijn geweest.

- Was je handen voor en na het voeren van jouw konijnen goed met zeep en water. Ook tussen je vingers!

- Pas op met konijnenveldjes en wandelingen in de natuur. Via deze plaatsen is het goed mogelijk dat je het virus meeneemt aan schoenen of kleding.

- Wissel je schoenen en kleding! Wissel voor je bij je konijnen komt (bij binnenkonijnen niet in de ruimte waar zij leven!) van schoeisel en kleding. Het is verstandig om slippers te kopen en die bij de ren van de buitenkonijnen te zetten. Voor je de ren ingaat trek je dan die slippers aan en laat je je normale schoenen buiten de ren staan. Loop met de slippers nergens anders dan in de konijnenren om besmetting te voorkomen. Wissel ook van kleding voor het betreden van het konijnenverblijf als je op plaatsen bent geweest waar wilde konijnen leven.

- Heb je meerdere konijnenverblijven? Gebruik bij elk hok een eigen schoonmaakset of ontsmet de schoonmaakspullen tussendoor. Was ook je handen tussendoor bij het voeren, aanhalen en verschonen van de verschillende konijnen. Verplaats ook geen materialen van het ene naar het andere hok, dus per hok eigen voerbakken, drinkflessen en speelgoed.

- Bij het verschonen is het verstandig de vuile bodembedekking direct af te voeren en zet de container met afval niet direct bij de konijnenren.

- Zorg er voor dat er geen stekende insecten zoals vliegen, vlooien, en teken bij je konijnen kunnen komen. Weer ook plaagdieren als ratten en muizen. Stop konijnenvoer, hooi en bodembedekking in tonnen of bakken die afsluitbaar zijn of leg het op een plaats waar geen plaagdieren kunnen komen.

- Reis niet onnodig met je konijnen.

- Wees voorzichtig met dierenartsbezoeken. Vraag vooraf telefonisch bij een dierenarts wat de risico's zijn van het bezoek en wat eventuele mogelijkheden zijn voor een huisbezoek. De meeste dierenartsen zijn bereid met je mee te denken en zorgen dat jouw konijn afgezonderd blijft van andere konijnen tijdens een opname. Sommige dierenartsen geven inentingen momenteel in de auto van de konijneneigenaar om besmetting te voorkomen.

 

Maatregelen in geval van besmetting en overlijden

 Als jouw konijnen toch ziek zijn geworden en overlijden, is het verstandig onderstaande tips op te volgen:

- Ontsmet het hok, de voerbakken, drinkflessen, speeltjes, reismand en omgeving van het hok. Maak eerst alles leeg en schoon. Gebruik dan zeep en water om het goed uit te soppen. Spoel het uit. Gebruik dan vervolgens een goed ontsmettingsmiddel (zoals halamid, in onze webwinkel verkrijgbaar, of koop een middel bij de dierenarts). Volg de instructies op de verpakking van het middel zo goed mogelijk op voor een optimale werking.

- Laat een pathologisch onderzoek uitvoeren bij jouw dierenarts of stuur je konijn op voor dit onderzoek. Het klinkt misschien naar, maar daarmee kun je vele andere konijnen helpen. Informeer naar de mogelijkheden bij jouw dierenarts, die kan hierbij helpen.

- Meld dode wilde konijnen via het Dutch Wildlife Health Centre (DWHC). Hiervoor staat een formulier op hun website.

 

Dierenarts bezoek

Als jouw konijn ziek is moet je natuurlijk een dierenarts raadplegen en heeft jouw konijn zorg nodig. Mocht je echter in een risicogebied wonen waar een besmettelijke virusziekte voorkomt, is het wel verstandig te overleggen met de dierenarts. Als jouw konijn een virusziekte heeft is het belangrijk dat de andere konijnen die in de praktijk komen niet besmet worden. En ook als jouw konijn iets anders onder de leden heeft of een enting of castratie nodig heeft, is het natuurlijk niet de bedoeling dat hij bij de dierenarts een virusziekte oploopt. Een entdag bezoeken met een wachtkamer vol konijnen is op zo een moment niet verstandig.

Vraag vooraf telefonisch bij een dierenarts wat de risico's zijn van het bezoek en wat eventuele mogelijkheden zijn voor een huisbezoek. De meeste dierenartsen zijn bereid met je mee te denken en zorgen dat jouw konijn afgezonderd blijft van andere konijnen tijdens een opname. Sommige dierenartsen geven inentingen op risicomomenten in de auto van de konijneneigenaar om besmetting te voorkomen.

 

 

Een nieuw konijn aanschaffen

Wees voorzichtig met het kopen of adopteren van een nieuw konijn. Woon je in een risicogebied voor één van de virusziekten? Vanuit particulieren en winkels een nieuw konijn aanschaffen raden wij het op zo een moment echt af, tenzij je zelf thuis een goede quarantaineruimte hebt en bereid bent tussen je eigen konijnen en het nieuwe konijn kleding en schoeisel te wisselen en alles gescheiden te houden. Het blijft een risico.

Konijnenopvangen nemen echter voldoende maatregelen tegen de verspreiding van virusziekten. De meeste opvangen zorgen er voor dat de konijnen die geplaatst worden hun inentingen volledig gehad hebben. Het is dus veilig om zo een konijn te introduceren bij jouw eigen konijnen. Zorg er ook voor dat jouw eigen konijnen de inentingen tegen Myxomatose, VHS en VHS-2 hebben gehad voor je ze gaat koppelen aan nieuwe konijnen.
 

 

 

Bewaren

Bewaren

Bewaren

Save

Save

Save

Save