Iedereen is een keer begonnen met het houden van konijnen. De een impulsief, omdat er zo'n lief konijntje in de dierenwinkel zat, de ander goed doordacht. Helaas is er niet overal juiste informatie over het houden van konijnen te vinden. Veel internetpagina's en boeken bevatten fouten en ook in dierenwinkels wordt vaak niet het juiste verteld. In dit artikel bespreken we 10 veelgemaakte fouten van beginnende konijnenbaasjes.

 

1.    Een konijn alleen houden


De meeste mensen willen starten met één konijntje. Maar konijnen zijn hele sociale dieren, die niet alleen gehouden moeten worden. Ook veel aandacht van het mensenbaasje kan een soortgenoot niet vervangen. Start dus altijd met twee konijnen. Het best is om twee konijnen uit een opvang te adopteren. Ben je toch begonnen met een dierenwinkelkonijn? Laat een dierenarts goed controleren of het een mannetje of vrouwtje is. Is het een mannetje, laat hem dan castreren. Daarna kun je in de opvang op zoek gaan naar een maatje. De beste combinatie is een gecastreerd rammetje (man) met een voedster (vrouwtje). Meer informatie over koppelen vind je in dit artikel.


2.    Een te klein hok kopen


Alle standaard, bouwpakket konijnenhokken zijn te klein. Te klein voor één konijn, zeker voor twee konijnen. Een juist konijnenverblijf moet minimaal 1 vierkante meter leefruimte bieden per konijn. Het liefst zelfs 2 vierkante meter per konijn. Het is niet voldoende om jouw konijn als je thuis bent een paar uurtjes per dag los te laten. Een konijn heeft altijd voldoende ruimte nodig. Het is niet zo dat de standaard hokken niet goed zijn, deze kunnen wel goed worden gebruikt in combinatie met een vaste konijnenren. Het standaard hok zorgt dan voor een beschutte, warme plek, terwijl de ren zorgt voor voldoende leefruimte. 


3.    Te veel brokken voeren


Een veel gemaakte fout  is het geven van een volle voerbak. Voor een gemiddeld konijn is 20-40 gram droogvoer echt voldoende. Dit is een eierdopje brokjes, geen volle voerbak dus. Een konijn hoort wel altijd onbeperkt hooi te krijgen, maar brokken moeten echt met mate. Te veel brokken zorgt voor spijsverteringsproblemen, overgewicht en gebitsproblemen.  Hoe
lief ze ook kijken en hoe goed ze ook kunnen schooien, weeg de dagelijkse hoeveelheid brokken netjes af, en geef niet meer dan dat.
Lees in dit artikel meer over voeding voor een konijn.

 


4.    Gemengd voer geven


Het houdt niet op bij de volle voerbak. Veel konijnenbaasjes voeren gemengd voer – omdat dit er zo lekker uit ziet. Helaas is gemengd voer niet goed voor konijnen. De meest gemengde voeders hebben een slechte samenstelling en bevatten schadelijke ingrediënten. Ook eten veel konijnen selectief, waardoor ze dus geen volledige voeding binnen krijgen. Kies liever voor een geperste pellet brok met een zo hoog mogelijk vezelgehalte.



5.    Verkeerd groenvoer geven


In elk kinderboek staat het wel: konijnen zijn gek op wortels. De meeste konijnen zijn er inderdaad gek op, maar wortels bevatten veel suikers en moeten met mate gevoerd worden. Een plakje wortel is dus echt voldoende. Je kan beter een gevarieerde groenvoerschotel geven aan jouw konijnen, dan alleen wortel. Naast wortels bevat ook fruit veel suikers. Het mag wel, maar met mate. Van fruit kunnen konijnen darmproblemen krijgen. Heeft jouw konijn gevoelige darmen? Dan kun je beter helemaal geen fruit voeren. Op bunnybunch vind je een lijst met veilige groenten, kruiden en fruit voor konijnen.


6.    Niet genoeg hooi voeren


Een konijn mag zijn eigen formaat in los hooi per dag eten. Dat is heel wat! Komt jouw konijn daar niet aan? Dan voer je waarschijnlijk te veel brokken en/of groenvoer. Hooi is van belang voor het goed slijten van de tanden en kiezen en voor de spijsvertering van konijnen.


7.    Ongezonde snoepjes kopen


Helaas staan dierenwinkels vol met ongezonde snoepjes voor konijnen. Terwijl er zoveel wel gezonde alternatieven zijn. Kijk dus goed op de verpakking voor je iets lekkers voor je konijn koopt. Snoepjes met honing, kleurstoffen, suikers, noten en/of veel granen, kun je beter vermijden. Kies liever voor gedroogde kruiden, groenten of fruit of snoepjes die uit dit soort eenvoudige ingrediënten bestaan, zonder toevoegingen. Ook knaagstenen zijn niet goed voor konijnen. Daarin zit te veel calcium, waardoor blaasproblemen en blaasstenen ontstaan. Niet geven dus!


8.    De konijnen wakker houden


Konijnen zijn schemerdieren. ’s Ochtends rond zonsopgang en ’s avonds rond zonsondergang zijn zij het meest actief.  Overdag slapen konijnen veel. Als je net een nieuw konijn hebt, is de verleiding groot er de hele dag mee bezig te zijn. Probeer dit wel echt te beperken en gun jouw konijnen ook hun rust.


9.   Een nestje willen

Veel mensen denken: “we nemen een nestje, leuk voor de kinderen”. Helaas is dat vaak niet het geval. Niet alleen zitten de konijnenopvangen vol met jonge konijntjes van mensen die dachten "leuk, een nestje", maar vervolgens de jongen niet kwijt konden, er kan ook vanalles mis gaan bij de bevalling en bij het opgroeien van de jongen. Dode babykonijntjes of een dood
moederkonijn zijn echt niet zo leuk voor de kinderen. Denk dus goed na voor je aan een nestje begint.
Lees in dit aritkel meer over fokken en voortplanting. Wil je echt een nestje? Overweeg dan gastgezin te worden voor zwangere voedsters voor een konijnenvopang! Op die manier kun je toch jonge konijntjes opvoeden, zonder dat je meewerkt aan het vermeerderen. 


10.    Geen gezondheidscheck laten doen


Als je een nieuw konijn in huis haalt, is het eerste wat je moet doen een bezoek brengen aan de dierenarts. Niet alleen kan de dierenarts de jaarlijkse inentingen tegen myxomatose en VHS geven, hij of zij kan ook nakijken of het konijn gezond is, geen parasieten heeft, een gezond gewicht heeft en of het gebit correct staat. Het is verstandig om jaarlijks een gezondheidscontrole te laten uitvoeren bij de dierenarts. De meeste konijnenbaasjes doen dit in combinatie met het dierenartsbezoek voor de inentingen.